Bijbelse feesten

In Leviticus 23:1 lezen we dat de Bijbelse Feesten van God zelf zijn, voor Israël een opdracht, om te vieren, om te gedenken, om stil te staan, om te hopen, om te geloven.
De HEER zei tegen Mozes: 2 ‘Zeg tegen de Israëlieten: “Dit zijn de hoogtijdagen van de HEER, die je als heilige dagen samen moet vieren.
Voor de gelovigen uit de volkeren, die zoals Ruth belijden “Uw God is mijn God en uw volk is mijn volk”, en geënt zijn op deze edele olijf Israël geldt dit evenzo. In het millennium zal de viering van Soekot zelfs een testcase zijn voor de volkeren.

Zacharia 14:16 De overlevenden van de volken die Jeruzalem hebben belaagd, zullen dan jaarlijks naar de stad komen om de HEER van de hemelse machten als koning te vereren en het Loofhuttenfeest te vieren. 17 En is er op aarde een volk dat niet naar Jeruzalem komt om de HEER van de hemelse machten als koning te vereren, dan zal er in dat land geen regen vallen.

Dan vervolgt Hij zijn woord met:
Dit zijn mijn hoogtijdagen:
En dan volgen de acht mo’adiem in twee blokken van vier; de voorjaarsfeesten en de najaarsfeesten, waarbij de voorjaarsfeesten gaan over de eerste komst van Jesjoea en al een zekere vervulling kennen en de najaarsfeesten over de tweede komst van de Messias en dus nog om een vervulling vragen:
1. Sjabbat - Sabbat
2. Pesach - Pasen
3. Matzot - Ongezuurde Broden
4. Sjavoeot - Pinksteren
ZOMER: profetisch/chronologisch bevinden wij ons nu in de zomertijd.
5. Jom Terua - Bazuinendag
6. Jom Kippoer - Verzoendag
7. Soekkot - Loofhuttenfeest
8. Sjemini Atseret - Achtste Dag